Welkom      
                                                                            Nieuw   -   Test 6B   -   Samengestelde zinnen

d of t, dat is de vraag
Strand, strandt, gestrand, reist, gereisd, verovert, veroverd
Aan het einde van al deze werkwoorden hoort u steeds een t-klank. Maar de ene keer schrijft u een t, de andere keer een d
en soms zelfs dt. Hoe zit dat? Voor veel mensen is de d of t aan het einde van een werkwoord een kwestie van kruis of munt.
Vaak doet dit afbreuk aan een verder prima geschreven tekst.

Word helpt niet voldoende
Misschien zult u zeggen: ik heb toch de spellingscontrole van Word! U kunt daar echter niet blind op varen.
Word zet wel een rood golflijntje onder brant of geleevt, omdat deze schrijfwijze altijd fout is. Maar of u nu
brand
of brandt schrijft, gebeurt of gebeurd, Word rekent deze woorden allemaal goed, omdat al deze vormen bestaan.
Het hangt echter van de situatie af welke vorm de juiste is. Welke situaties zijn dat? Zit er een systeem in?

Systeem
Inderdaad zit er een systeem in. Gelukkig. Een betrekkelijk eenvoudig systeem als u het vergelijkt met bijvoorbeeld de regels van
de nieuwe spelling. De regels voor de keuze van een d of t bestaan al heel lang, al uit de tijd van het kofschip en van andere houten
schepen. En ze vallen redelijk snel aan te leren.

Hoe te beginnen?
U kunt het Stappenplan doorlezen om er in te komen.
U kunt ook meteen een van de Tests doen om te controleren hoe het er voor staat met uw dt-kennis.
Er zijn A- en B-tests. De B-tests zijn gelijk aan de A-tests, maar ze geven steeds een korte toelichting bij het antwoord. Al doende leert men.
Als u weinig problemen tegenkomt, kunt u zich ook wagen aan de test met Samengestelde zinnen, waar de dt-vraag niet principieel anders is, maar waar het wel extra uitkijken is geblazen
En wanneer de grammaticaregels diep zijn weggezakt, kan het overzicht onder de knop Grammatica uitkomst bieden. Daarin staan alle grammaticaregels die u nodig heeft bij de keuze voor een d of een t.

We gaan ervan uit dat de meeste regels u bekend zullen voorkomen, maar dat sommige onderdelen niet of niet goed zijn aangeleerd.
De meest voorkomende fout is bijvoorbeeld dat er bij werkwoorden die beginnen met be-, ge-, her- er-, ont- of ver- geen onderscheid wordt gemaakt tussen een tegenwoordige tijd en een voltooid deelwoord. In de Grammaticaregels wordt dit nader uit de doeken gedaan en u kunt daarvoor ook een aparte test doen.
 
Misschien bent u eens gestrand. Maar met dit dt-kompas verovert u in korte tijd de grammaticaregels en reist u veilig door de zee van d en t.
Behouden vaart!