3.2. Geen dubbele letters aan het einde van een woord of lettergreep

Aan het einde van een woord of lettergreep mogen geen dubbele letters staan, dus ook niet aan het eind van de stam.
Voorbeeld: kappen.  Alleen -en eraf, dan zouden we kapp krijgen
We schrijven geen dubbele letters aan het eind, daarom een p eraf: kap

Waar komt die dubbele letter vandaan?
Het werkwoord kappen heeft een korte klinker, namelijk de klinker a, zoals in kap.
Die dubbele p achter de a in het hele werkwoord, anders gezegd de dubbele medeklinker p achter de korte klinker a, schrijven we om in het hele werkwoord die a-klank kort te houden. Als we geen dubbele p zouden schrijven, dan zou het hele werkwoord zijn: ka-pen. En dat is een ander werkwoord met een andere uitspraak.

Hetzelfde gebeurt bij woorden met de korte klinkers e, o, u, i
Voorbeelden: red-den, klop-pen, bluf-fen, slis-sen.
Om de klinker kort te houden, verdubbelen we in het hele werkwoord de letter achter de klinker.
In de stam van deze werkwoorden schrijven we de oorspronkelijke enkele letter, dus: red, klop, bluf, slis.